9 to 5 (1980): Much ado about Nothing
 
8.
Toch: De val van het Oostblok, de make believe films, de stijgende kosten, de feminisering (van 9 to 5 tot mama is boos, tot Zeg ‘ns AAA), ik merkte er weinig tot niets van.
Hoe te verklaren?
 
-Enerzijds valt er voor een kind niets te verklaren. Alles speelt zich af in het hier en nu, daardoor is alles absoluut. Het leven loopt voor een kind zoals het loopt.
 
-Anderzijds waren de jaren 80 voor mij (nu ik hier 40 jaar later op terugkijk en daardoor wel kan vergelijken) een tijd waarin werkelijk alles anders was.
 
Nederland misschien,
Friesland waarschijnlijk,
en Leeuwarden zeker, leek zich in die tijd het best samen te vatten als, hoe heet die Duitse schrijver ook alweer, Heine (geloof ik) die ergens in de 19e eeuw al het advies gaf dat als het einde van de wereld nabij is, verhuis dan naar Nederland, want daar gebeurt alles 50 jaar later.

Zo was het.

-Wat ik deed?
Ik ging braaf naar school, deed mijn huiswerk, mijn moeder was altijd thuis, wachtte op mij met een kopje thee om de dag te bespreken, ik speelde bijna eindeloos buiten — vaak tot chagrijn van mijn moeder — want daar gingen mijn nieuwe schoenen (De natuur van Friesland is, zoals u wellicht weet, erg drassig), het zomerhuis wat we als familie hadden in Oostermeer, waar we elke vakantie te vinden waren, het zeilen en surfen op het Bergumermeer, de koeien melken voor dag en dauw, en ’s avonds met de melkbussen op de melkkar naar de boerderij en spelen op de hooizolder, het bos, het ravotten, het ’s avonds aan de tafel zitten met een olielampje, het niet bang hoeven te zijn, het was er allemaal nog.
 
9.
De barst kwam aan het eind van de jaren 80. Het was op teevee zo rond 1985 tot 1989 een feest geweest: Glasnost en Perestrojka door Gorbatsjov die met Reagan vergaderde op IJsland (zo zag je als kleine jongen nog eens wat van de wereld), het naderende einde van de apartheid in Zuid-Afrika, Nederland won het EK van 1988 (hoe blij waren we. — We ja, heel Nederland was in extase dat we van de Duitsers hadden gewonnen, de finale was haast bijzaak).
 
 
Toch draaide er iets op een back burner. Het probleem was: in een tijd van geen vooruitgang, moet je toch vooruitgang creëren.
-Hoe dat te doen?
 
In Amerika was het probleem dat ongeveer de helft van het overheidsgeld opging aan het militair-industrieel complex. Hoe kon die jaarlijkse nota betaald worden zonder vijanden? Al die oorlogswapens en mensen die voor dat militair-industrieel complex werkten (een zeer groot deel van de werkende Amerikanen) moesten toch wel iets te doen hebben?
 
En zo kwam de Golfoorlog, waarvan de aanzet al lang aanwezig was, maar in een stroomversnelling kwam toen Saddam Hoessein een ‘act of agression’ toepaste door buurland (en schatrijk) golfstaatje Koeweit te bezetten als een geschenk uit de hemel.

10.
Wel was er een probleem. The Winning Hearts And Minds lagen bij de band WHAM! of — om in de tijd te blijven, want WHAM ging in 1986 uit elkaar — bij George Michael, Prince, Madonna en Michael Jackson, en niet bij een militair conflict waar we als Nederlands staatsburger niets vanaf wisten, en het ook wel prima vonden zolang de benzineprijs maar niet steeg.
 
Wat te doen?
-Als wat altijd wordt gedaan: het hart van het publiek, het Winning Hearts And Minds, werd bewerkstelligd door eindeloze propaganda. De grondslag was een smerig verhaal. Of, zoals zo vaak al is bewezen, maar wat door elke nieuwe generatie weer wordt vergeten: door een oorlog te beginnen waarbij de waarheid het eerste slachtoffer is. Het waren de Duitsers die in 1914 pasgeboren kinderen aan hun bajonetten regen (was niets van waar), wat de Engelsen aanzette om richting de loopgraven in België en Frankrijk te lopen. En zo kwam in oktober 1990 de jonge Nayirah (een Koeweitse verpleegster) voor een volle zaal in het Amerikaanse Congres vol overgave vertellen hoe Irakese militairen in Koeweit pasgeboren baby's uit de couveuse haalden om op de grond te flikkeren. Later bleek dat van haar getuigenis niets waar was, maar toen waren de bommen al gegooid, de oorlog was beslecht en WHAM! was gevonden.
 
11.
Waar het voor Nederland zo rond 1990 verkeerd ging, is dat wij (als land) ineens ook moesten meedoen aan het wereldtoneel, en zodoende uit onze 50-jarige, Heine-achtige, achterstand werden gesleurd. Voor die tijd wilden we nog wel eens het geweten van de wereld spelen (maar namen we niet aan het wereldtoneel deel). Nu ineens wel! Waar we in 1987 voorzichtig begonnen met mijnenvegen (via de back burner: de Perzische oorlog), in een gebied ver van de kust van Irak (en waar de kans op mijnen vinden ongeveer nul was), ging Nederland in de periode 1990-91 oprukken naar de kust van Koeweit, maar wel door achter de feiten aan te lopen. De Amerikanen namen nog steeds het voortouw, maar we waren aanwezig! En ook waren we aanwezig door dure raketsystemen (Patriots) te verkopen aan Israël.*
 
*Frits zegt: Nederland heeft in 1991 Patriot-raketsystemen naar Israël én Turkije gestuurd. Dit was echter geen commerciële verkoop, maar een militaire steunoperatie. Frits meldt echter niet wie die Patriot-raketsystemen dan bekostigd heeft. Groeiden die dingen aan Nederlandse bomen ofzo? — U begrijpt: die systemen werden bekostigd door de Nederlandse staatsburger.
 
Tegelijkertijd werden er ook (geloof ik) nachtkijkers en ander oorlogsmaterieel aan Irak verkocht (Delft Instruments). Zo hadden we als Nederlandse staat en bedrijfsleven een win-win, met de kans op Nederlands militaire slachtoffers van ongeveer 0. Ook kregen we als publiek steeds meer beelden te verwerken. Teevee (dat beginjaren jaren 80 nog standaard na geloof ik 11 uur ’s avonds tot 5 uur ’s middags op testbeeld stond) kreeg meerdere kanalen, 24-uurskanalen, remote control, CNN, MTV, en verdere commercialisering met de komst van RTL 4. We kregen Peter Arnett, een precisiebom vallend in de schoorstenen van een Irakese bunker, eindeloos herhaald. We kregen correspondenten met boots on the ground (en een camera), we kregen Operation Desert Storm, wat wel leek op een filmtitel, en ons rechtstreeks van de make believe uit de bioscoop en VHS-recorder, via de reclameblokken, naar het nieuws deed kijken.
 
In 1991 zat ik in de brugklas, de conciërge vond de beelden van Irak zo interessant dat er een grote teevee in de kantine kwam te staan en ik, via CNN, als (let wel!) dertienjarige jongen de overwinningsroes kreeg voorgeschoteld.
 
De ticker parade in New York, na de overwinning (zie hieronder), maakte me jaloers op die Amerikanen en de VS an sich waar nog wel eens wat werd gewonnen, en niet zo laf (als Nederland had gedaan) achteraan de troepen aan gelopen met hun fregatten en mijnenvegers. Dat gevoel wat ik daar kreeg, was natuurlijk precies de bedoeling!
 
Beelden, beelden, beelden..
 
Nederland moest, net als de Verenigde Staten, Groot Denken. Het kneuterige was ervan af. Onno Ruding werd als voormalig minister van Financiën beloond met een topfunctie bij een Amerikaanse bank. Lubbers (later) en De Hoop Scheffer (nog later) wilden ook wel zoiets (en kregen na hun politieke carrières hoge functies bij de UNHCR en NAVO). Politici gingen groot denken, Nederland was ineens te klein. En wat voor politici in het groot gold, gold voor de burgers in het klein, ofschoon het gevoel tussen groot en klein voor de Neptuniaan onder ons (de koele observant en duider die van buitenaf toekijkt en weet) hoogstwaarschijnlijk op hetzelfde neerkwam (dat is: allemaal hoogmoed).
 
We gingen allemaal Groot Denken.
Een nieuwe tijd werd aangebroken.
Het was de tijd waarin we nu nog immer inzitten: de tijd van de ongebreidelde hoogmoed en ijdelheid, de eindeloze vooruitgang, waarvoor we slechts het beeldscherm hoeven aan te zetten om ons de woorden in de mond te laten praten door de schrijvende en beeldende media.
 
Er is echter één probleem: In een tijd van geen vooruitgang kan de zichtbare vooruitgang slechts enkel en alleen een gevolg zijn van de onzichtbare achteruitgang.
 
Het onzichtbare?
Het was al voorspeld door Thatcher, haar credo: ‘There is no such thing as society’, werd niet bewaarheid in een dag, maar werd wel langzaam zichtbaar voor ieder met ogen in de kop.
 
Immers, een land waar een oorlog wordt gestart (als Irak), daar valt de samenleving uiteen.
En landen die ethisch verplicht zijn (als Nederland) om vluchtelingen hulp te bieden, bijvoorbeeld middels immigratie, worden ontwricht, of hard wakker geschud uit hun eeuwige slaap.
 
Waar voorheen de zaagmolens draaiden, de moeders thuis zaten te wachten tot hun kinderen uit school kwamen, waar ieder een buitenhuis had (of minstens een caravan), waar de koeien in de wei stonden, ravottende kinderen de normaalste zaak van de wereld was, werd je nu bang gemaakt voor het onbekende islamitische, vreemde taal sprekende, andere huidskleur hebbende, medebewoner. 

Dahhaag, maatschappij van heikneuters. Welkom in de ontwricht(ende) maatschappij van eenzame en losgeslagen, mediaverslaafde, individuen.
 
(Wordt vervolgd)

Reacties

Populaire posts van deze blog