Mijn YouTube Kanaal
‘Geen
woorden maar daden’
Zingt het lied
van Feyenoord 1.
Het is een oud lied, Marx en Engels spraken er al over in hun communistisch manifest (uit 1848).
Marx en Engels hadden
makkelijk praten.
De 19e eeuw, de 20ste eeuw, zo tot ongeveer begin jaren 1960, dit is de tijd van voor mijn geboorte, was de tijd dat er nog daden in Nederland verricht werden. De spoorwegen werden aangelegd, ondergrondse riolering kwam, er moesten verbindingswegen komen tussen steden, Nederland werd verstedelijkt, de waterwerken kwamen, de dijken werden opgehoogd, De Zuiderzee werd ingepolderd, Nederland werd geëlektrificeerd, waterleidingen kwamen, de bevolking werd geteld, onderwijs werd opgezet, de inkomensbelasting kwam, in Slochteren werd gas aangeboord, het was een drukke tijd vol met daden.
Zo medio jaren 1960
was deze tijd voorbij. Niet dat er geen daden meer werden verricht in Nederland,
maar de daden die nog verricht konden en kunnen worden: vuilnis ophalen, loodgieter
zijn, bejaarden wassen, werken in de land- en tuinbouw, werd in toenemend
aantal uitbesteed aan arbeidsmigranten, die het een voor mager loontje wel
konden doen. Later kwamen daar de vrijwilligers bij die voor nop werken voor
banen die geacht zijn om ‘leuk’ te zijn (dus waarom zou je ervoor betalen?). De
rest van autochtoon Nederland kwam via de democratisering in een vergaderzaal
terecht, waar de daden niet langer tellen, maar de woorden worden geteld per
gesubsidieerd rapport.
Wat te doen als
de daden op zijn?
In 2020, zoals
u misschien nog kunt herinneren (deze tijd lijkt uit ons collectief geheugen
gewist te zijn), was er plots een gebeurtenis waardoor er tijdelijk niet
vergaderd kon worden, niet in de file gestaan kon worden, waar het thuiswerken
neerkwam op, ja… wat? Het kwam neer op pure vrijheid.
-Wat lieten mijn vrienden (allen opgeleid met een laptop om mee in een vergaderzaal te zitten) in de whatsapp groep zien?
Dat ze zich verveelden!
En hun kinderen ook!!
Oh, hoe kon men toch de verveling doorbreken?
Waarna spelcomputers gekocht worden, Netflix werd aangesloten en men wachtte op het 8 uur journaal, met hopelijk een verlossend woord dat ‘we’ weer mochten werken. Dat verlossend woord kwam pas twee jaar later. In de tussentijd werd de videovergadering genormaliseerd en zaten mensen… met een spreekwoordelijke enkelband om achter hun computertje virtueel te vergaderen. Een dieptepunt was er (voor mij) in 2021 toen bij de virtuele kerstborrel het spel ‘mondkapje op, mondkapje af’ werd gespeeld. En je moest meedoen! Zo was nou eenmaal de waan van de dag.
‘Maak ons
desnoods tot slaaf, maar geef ons te eten!’
Zo werd de mens
voorgesteld door Dostojewski, die voor eten alles wilde doen. Wie de
jaren 20-22 heeft meegemaakt, weet dat deze uitspraak van Dostojewski optimistisch
gesteld was. Ja, mensen willen zekerheid en eten, ook in de 21ste
eeuw, daar doen ze alles voor, zelfs al moeten ze ervoor -dag in dag uit-
strafwerk doen - ergens in een kantoortuin op een -dreef, -akker of -laan. Maar
als ze eenmaal die zekerheid van kunnen eten hebben, dan ligt het andere
grote gevaar -de verveling- op de loer, wat mensen werkelijk tot slaaf maakt,
waarvoor ze zelfs bij een virtuele kerstborrel hun mondmasker/onderbroek op en
af zetten, alsof het een masochistisch ritueel betrof.
Waar is onze
dadendrang gebleven? Waarom moeten wij zo vermaakt worden?
Er zit iets
vreemds in bovenstaande 2 zinnen. Wie iemand vraagt of hij zich vermaakt met de
krant, met het nieuws, met zijn werk, krijgt over het algemeen het eerlijk antwoord:
‘Nee!' Maar waarom leest men dan nog de krant, volgt men het nieuws, en zit men
in een kantoortuin voor dag en dauw?
‘Men’ en ‘we’
is wat te journalistiek/te dominee-achtig/te politiek gezegd. Het is beter om
ipv ‘men’ of ‘we’ jezelf te noemen. Wie de schoen past trekke hem aan!
Vooruit dan.
Ook ik heb jarenlang werk verricht waarvan ik dacht dat ik het juiste deed. Ik deed mee aan de waan van de dag.
Voelde ik me er goed bij?
Nou nee. Maar het was ook niet zo dat ik me er slecht bij voelde.
Ik voelde me verdoofd.
Dat krijg je ervan als de wekker om 6.30 uur gaat, waarbij je om 7.15 in een volle trein zit, om 8.15 je eerste vergadering mag klokken, waarbij je om 9.30 tot 12 uur mensen bijpraat over waar je mee bezig bent (zogenaamde wetenschap), van 1230 (een half uur pauze, hoezee!) om de paar minuten een nieuwe patiënt ziet die je -alsof je een computer bent- een bepaald algoritme voorlegt (een protocol), waaruit je diagnosen en therapieën voorschrijft, om van 1630 tot 1730 je administratie op orde te krijgen, rapporten uitprint, deze in de overvolle trein naar huis doorneemt, om rond 19.00 ’s avonds afgepeigerd op de bank te eindigen waarbij je de talkshow, het nieuws, de achtergrond aanzet en verder murw gebeukt wordt over hoe Nederland werkt.
Waarover je droomt?
– Over niets! Je bent te moe om te dromen. Zo eindig je in het grote niets. Dit was mijn leven in een notendop, zo anno 2010-2015.
Waarom ik het deed?
Het werd geacht als normaal.
En daarbij, de hypotheek diende betaald te worden.
Het gaf geen gelazer.
Slechts
spaarzaam dacht ik terug aan mijn schooltijd, waar ik in relatieve vrijheid met
enkele van mijn Dr Martens dragende, pukkelige, vet-harige, rokende
medescholieren de teksten van nummers van Radiohead verklaarde en (met hen) zei:
‘Dat nooit!’
Bijvoorbeeld
deze:
Fitter happier
More productive
Comfortable
Not drinking too much
Regular exercise at the gym (3 days a week)
Getting on better with your associate employee contemporaries
At ease
Eating well (no more microwave dinners and saturated fats)
A patient, better driver
A safer car (baby smiling in back seat)
Sleeping well (no bad dreams)
No paranoia
Careful to all animals (never washing spiders down the plughole)
Keep in contact with old friends (enjoy a drink now and then)
Will frequently check credit at (moral) bank (hole in the wall)
Favours for favours
Fond but not in love
Charity standing orders
On Sundays ring road supermarket
(No killing moths or putting boiling water on the ants)
Car wash (also on Sundays)
No longer afraid of the dark or midday shadows
Nothing so ridiculously teenage and desperate
Nothing so childish
At a better pace
Slower and more calculated
No chance of escape
Now self-employed
Concerned (but powerless)
An empowered and informed member of society (pragmatism not idealism)
Will not cry in public
Less chance of illness
Tyres that grip in the wet (shot of baby strapped in back seat)
A good memory
Still cries at a good film
Still kisses with saliva
No longer empty and frantic
Like a cat
Tied to a stick
That's driven into
Frozen winter shit (the ability to laugh at weakness)
Calm
Fitter, healthier and more productive
A pig
In a cage
On antibiotics
Of nog
deprimerender. Deze:
A heart that's full up like a
landfill
A job that slowly kills you
Bruises that won't heal
Het is een oud lied, Marx en Engels spraken er al over in hun communistisch manifest (uit 1848).
De 19e eeuw, de 20ste eeuw, zo tot ongeveer begin jaren 1960, dit is de tijd van voor mijn geboorte, was de tijd dat er nog daden in Nederland verricht werden. De spoorwegen werden aangelegd, ondergrondse riolering kwam, er moesten verbindingswegen komen tussen steden, Nederland werd verstedelijkt, de waterwerken kwamen, de dijken werden opgehoogd, De Zuiderzee werd ingepolderd, Nederland werd geëlektrificeerd, waterleidingen kwamen, de bevolking werd geteld, onderwijs werd opgezet, de inkomensbelasting kwam, in Slochteren werd gas aangeboord, het was een drukke tijd vol met daden.
-Wat lieten mijn vrienden (allen opgeleid met een laptop om mee in een vergaderzaal te zitten) in de whatsapp groep zien?
Dat ze zich verveelden!
En hun kinderen ook!!
Oh, hoe kon men toch de verveling doorbreken?
Waarna spelcomputers gekocht worden, Netflix werd aangesloten en men wachtte op het 8 uur journaal, met hopelijk een verlossend woord dat ‘we’ weer mochten werken. Dat verlossend woord kwam pas twee jaar later. In de tussentijd werd de videovergadering genormaliseerd en zaten mensen… met een spreekwoordelijke enkelband om achter hun computertje virtueel te vergaderen. Een dieptepunt was er (voor mij) in 2021 toen bij de virtuele kerstborrel het spel ‘mondkapje op, mondkapje af’ werd gespeeld. En je moest meedoen! Zo was nou eenmaal de waan van de dag.
Vooruit dan.
Ook ik heb jarenlang werk verricht waarvan ik dacht dat ik het juiste deed. Ik deed mee aan de waan van de dag.
Voelde ik me er goed bij?
Nou nee. Maar het was ook niet zo dat ik me er slecht bij voelde.
Ik voelde me verdoofd.
Dat krijg je ervan als de wekker om 6.30 uur gaat, waarbij je om 7.15 in een volle trein zit, om 8.15 je eerste vergadering mag klokken, waarbij je om 9.30 tot 12 uur mensen bijpraat over waar je mee bezig bent (zogenaamde wetenschap), van 1230 (een half uur pauze, hoezee!) om de paar minuten een nieuwe patiënt ziet die je -alsof je een computer bent- een bepaald algoritme voorlegt (een protocol), waaruit je diagnosen en therapieën voorschrijft, om van 1630 tot 1730 je administratie op orde te krijgen, rapporten uitprint, deze in de overvolle trein naar huis doorneemt, om rond 19.00 ’s avonds afgepeigerd op de bank te eindigen waarbij je de talkshow, het nieuws, de achtergrond aanzet en verder murw gebeukt wordt over hoe Nederland werkt.
Waarover je droomt?
– Over niets! Je bent te moe om te dromen. Zo eindig je in het grote niets. Dit was mijn leven in een notendop, zo anno 2010-2015.
Waarom ik het deed?
Het werd geacht als normaal.
En daarbij, de hypotheek diende betaald te worden.
Het gaf geen gelazer.
More productive
Comfortable
Not drinking too much
Regular exercise at the gym (3 days a week)
Getting on better with your associate employee contemporaries
At ease
Eating well (no more microwave dinners and saturated fats)
A patient, better driver
A safer car (baby smiling in back seat)
Sleeping well (no bad dreams)
No paranoia
Careful to all animals (never washing spiders down the plughole)
Keep in contact with old friends (enjoy a drink now and then)
Will frequently check credit at (moral) bank (hole in the wall)
Favours for favours
Fond but not in love
Charity standing orders
On Sundays ring road supermarket
(No killing moths or putting boiling water on the ants)
Car wash (also on Sundays)
No longer afraid of the dark or midday shadows
Nothing so ridiculously teenage and desperate
Nothing so childish
At a better pace
Slower and more calculated
No chance of escape
Now self-employed
Concerned (but powerless)
An empowered and informed member of society (pragmatism not idealism)
Will not cry in public
Less chance of illness
Tyres that grip in the wet (shot of baby strapped in back seat)
A good memory
Still cries at a good film
Still kisses with saliva
No longer empty and frantic
Like a cat
Tied to a stick
That's driven into
Frozen winter shit (the ability to laugh at weakness)
Calm
Fitter, healthier and more productive
A pig
In a cage
On antibiotics
A job that slowly kills you
Bruises that won't heal
You look so tired, unhappy
Bring down the government
They don't, they don't speak for us
Bring down the government
They don't, they don't speak for us
I'll take a quiet life
A handshake of carbon monoxide
And no alarms and no surprises
No alarms and no surprises
No alarms and no surprises
A handshake of carbon monoxide
And no alarms and no surprises
No alarms and no surprises
No alarms and no surprises
Silent, silent
This is my final fit
My final bellyache with
No alarms and no surprises
No alarms and no surprises
No alarms and no surprises, please
Such a pretty house
And such a pretty garden
No alarms and no surprises (let me out of here)
No alarms and no surprises (let me out of here)
No alarms and no surprises, please (let me out of here)
Waar was ik mee
bezig?
(later)
Ik heb mezelf
herpakt. Ik sprak mijzelf uit. Ik deed niet meer mee.
Ik werd verbannen, werd geëxcommuniceerd, leef inmiddels onder een steen.
Is dat erg?
Lezer, ik hoop
dat u het heel erg voor mij vind, en mij vooral niet volgt.
Laat mij maar alleen zijn!
Ik pleeg weer
daden, ben eindelijk geworden wat ik wilde worden (met rust gelaten worden, is
wat ik wilde en wat ik wil).
Ik schrijf, ik
denk, ik wandel in de natuur.
Ik kijk, ik hoor, ik gebruik al mijn zintuigen in het hier en nu.
Ik ben er voor
mijn omgeving.
Hoe ik dat doe?
-Maar nee, dat laatste is iets voor mij en mijn omgeving, dat gaat u niets aan.
Maar ik ben er
weer. De verslavende verdoving van het ‘niet nadenken-meedoen’ is uitgewerkt.
Ik voel me
vrij, ben veel alleen, maar ben absoluut niet eenzaam.
Mijn daad is
gelijk aan die van een persoon die door koning X uit zijn rijk is gezet. Dat
die persoon uit dat rijk verbannen is, dat is totaal onredelijk. Maar wat de
verbanning die persoon geeft is een eindeloze bron van redenen waarom juist hij
verbannen moest worden. Dat geeft die persoon inzicht en troost.
Troost, omdat ik, nu ik dit zo in mijn eentje zit te schrijven, toenemend tot de ontdekking kom dat al die schrijvers en kunstenaars -die ik al op jonge leeftijd kon waarderen- mij lieten zien wat ik nu zelf zie.
Inzicht, want dat iemand niet in de maatschappij past, betekent niet automatisch dat die persoon slecht, gek, willoos, een maniak is -niet dat er mensen zijn die niet in de maatschappij passen omdat ze slecht, gek, etc zijn- maar het betekent dat ie er te gevoelig voor is: niet akkoord kan gaan met het eindeloze strafwerk van mixen van woorden en getallen waarvan met bloed, zweet, tranen, (zelf)censuur en (zelf)kastijding rapporten worden gemaakt.
Het is als met
Supertramp’s nummer School, dat ik lange tijd verkeerd begrepen heb. Ik dacht
altijd dat aan het eind van dat nummer (wat over het slaafse volgen van een
schoolsysteem gaat en wat tegen de individualiteit van de zanger ingaat) de
zanger zegt:
But while I am still living, I've
just got this to say
It's always up to you if you wanna be that
Wanna see that, wanna see it that way
You're coming alone..
Dat laatste zinnetje
is geen Engels, maar zo verstond ik het als scholier. Ik
dacht dat de zanger zei: Als je niet het slaafse schoolsysteem volgt, dan word je
totaal verlaten.
Maar dat zingt
de zanger (Rodger Hodgson) niet. Hij zingt:
But while I am still living, I've
just got this to say
It's always up to you if you wanna be that
Wanna see that, wanna see it that way
You're coming along.
Wat betekent:
Dan kom je er ook wel.
In mijn optiek?
Beide versies van School zijn waar. Wie niet meedoet, eindigt (merendeels)
alleen, maar komt er ook wel.
En hoe dát
eruit ziet, breng ik in beeld en geluid, metterdaad op mijn youtube kanaal.
Hier ziet u mijn eerste bijdrage: https://www.youtube.com/watch?v=c7B_EWzjwt4
My final bellyache with
No alarms and no surprises
No alarms and no surprises
No alarms and no surprises, please
And such a pretty garden
No alarms and no surprises (let me out of here)
No alarms and no surprises (let me out of here)
No alarms and no surprises, please (let me out of here)
Ik werd verbannen, werd geëxcommuniceerd, leef inmiddels onder een steen.
Is dat erg?
Laat mij maar alleen zijn!
Ik kijk, ik hoor, ik gebruik al mijn zintuigen in het hier en nu.
Hoe ik dat doe?
-Maar nee, dat laatste is iets voor mij en mijn omgeving, dat gaat u niets aan.
Troost, omdat ik, nu ik dit zo in mijn eentje zit te schrijven, toenemend tot de ontdekking kom dat al die schrijvers en kunstenaars -die ik al op jonge leeftijd kon waarderen- mij lieten zien wat ik nu zelf zie.
Inzicht, want dat iemand niet in de maatschappij past, betekent niet automatisch dat die persoon slecht, gek, willoos, een maniak is -niet dat er mensen zijn die niet in de maatschappij passen omdat ze slecht, gek, etc zijn- maar het betekent dat ie er te gevoelig voor is: niet akkoord kan gaan met het eindeloze strafwerk van mixen van woorden en getallen waarvan met bloed, zweet, tranen, (zelf)censuur en (zelf)kastijding rapporten worden gemaakt.
It's always up to you if you wanna be that
Wanna see that, wanna see it that way
You're coming alone..
It's always up to you if you wanna be that
Wanna see that, wanna see it that way
You're coming along.
Hier ziet u mijn eerste bijdrage: https://www.youtube.com/watch?v=c7B_EWzjwt4
Reacties
Een reactie posten